Tips en tricks voor de bouwer en vlieger.

(En wat we natuurlijk allemaal al lang weten.)

                                                                                                                                                        

Deukje in balsa.

Tijdens het bouwen een deukje opgelopen? Geen nood. Maak de plek goed nat en zet de strijkbout er op. Het koken van het water voert de druk genoeg op om het hout weer in zijn vorm te krijgen.

Ik kwam op internet een variant op deze tip tegen waarbij gebruik gemaakt wordt van een injectienaald om het water in het hout te injecteren. Ook een mogelijkheid natuurlijk maar ten eerste hebben we zoiets niet snel bij de hand en ten tweede werkt de eerste methode vaak al voldoende.

 

 

Wit balsa vulmiddel.

Werkt prima dat balsa plamuur maar het is zo wit. Om het een beetje in de houtkleur te krijgen kun je een gebruikt theezakje uitwringen in de plamuur en mengen. Wordt zo een stuk meer “balsakleur”.

 

 

Kunststof schroef inkorten.

Al eens een plastic (nylon) schroef ingekort omdat hij veel te lang was? Daarna tot de ontdekking gekomen dat hij niet gemakkelijk in de schroefdraad pakt? Na het inkorten even in de ouderwetse puntenslijper en het wordt al een stuk eenvoudiger.

 

 

Harden schroefdraad in hout.

In hout draad tappen voor zeg de vleugelbouten geeft vaak een “zachte” schroefdraad. Die kun je een stuk steviger maken met secondelijm.

Druppel heel voorzichtig dunne secondelijm in de schroefdraad. Doe dit een aantal keren zodat het tot het einde van de draad door kan lopen. Als het is uitgehard even natappen en je hebt een veel steviger schroefgat.

Een hulpje voor het in laten lopen van de lijm. Neem een plastic roerstaafje, zo een als je gebruikt voor het roeren van je koffie, snijd het brede “lepeltje” er af en je hebt een perfect gootje om de secondelijm in de schroefdraad te laten lopen.

 

 

Inlijmen scharnieren.

Gebruik je van die kunststof flapjes als scharnier dan lukt het vaak om 90% in zeg je aileron te frutten en slechts 10% in de achterlijst. L Sterke verbinding.

Om dit te voorkomen kun je eerst in het midden van het flapje een lijn tekenen zodat je bij het inschuiven van het scharnier in de gaten kunt houden of het aan beide zijden even ver erin gaat. Om het nog wat makkelijker te maken kun je een speld door de middenlijn prikken waardoor het scharnier gegarandeerd niet verder de sleuf in kan schuiven dan je wilt. Deze tip staat ook in verschillende handleidingen van Gerat Planes toestellen maar die heeft ook niet iedereen. Vandaar deze tip.

 

 

Het balanceren van je toestel (Ergens op het wereldwijde web gelezen).

Bouw een stukje triplex van ongeveer 2 x 2 cm in op het zwaartepunt. Bij een laagdekker in de bodem van de vleugel, bij een hoogdekker in de bovenkant van de vleugel.

Is je kist klaar, schroef dan op het voorgeschreven zwaartepunt een haakje in het triplex en je kunt zo niet alleen het zwaartepunt in de lengte controleren maar ziet tegelijkertijd welke vleugel het zwaarst is.

 

 

Zandzakken.

Ben je je vleugel aan het indekken dan kun je de beplanking vastspelden in de hoop dat die er mooi strak op komt, maar een handig hulpmiddel is een zandzak. Vul een plastic zak (zo een die je dicht kunt “zippen” is hier handig) voor ongeveer twee derde met zand en leg die op de beplanking. Drukt goed aan en scheelt een hoop spelden en plamuurwerk.

 

 

Plamuren.

Een handig en goedkoop hulpmiddeltje om mee te plamuren is een oude creditcard of je oude ANWB pasje.

 

 

Vleugel / stabilo uitlijnen.

Een rechte romp is mooi en wat we nastreven, maar geen noodzaak.

Veel belangrijker is het dat de vleugel en stabilo mooi uitgelijnd zijn ten opzichte van de middellijn van je model. Meestal heb je deze centre line al dmv. Punten / streepjes aangegeven tijdens het bouwen. Zo niet doe dit dan alsnog.

Neem nu een draad die niet snel rekt, bv zo’n dun staaldraadje van de soort dat je gebruikt voor een closed loop aansturing en maak aan één einde een lusje. Die draad met kunstsof werkt het fijnste, je kunt het lusje dan dichtsmelten waardoor het niet los schiet. Neem een stukje afplaktape, dubbelvouwen en plak dit zo rond de draad dat het nog kan schuiven. Zet er nu haaks op de draad een lijntje op.

Prik een speld in een punt van de centre line, zover mogelijk verwijderd van de vleugel. Voor het uitlijnen van de stabilo zover mogelijk verwijderd van de stabilo. Breng nu de draad naar een tip van je vleugel (of stabilo) en schuif de tape naar de tip zodat het streepje de tip raakt. Doe dit nu aan de andere tip en bepaal zo het eventuele verschil. Door de vleugel een stukje richting het merkteken te verschuiven en weer aan de andere tip te vergelijken, kun je zo in een paar stappen het verschil wegwerken.

 

 

Brandstof verdampt, de olie blijft achter.

Je kent het probleem. De vuurmuur niet brandstof vast gelakt of ge-folied en na een tijdje is hij verzadigd van de olie. Niets plakt er nog op.

Enkele tips om die olie weg te krijgen.

- Leg er wc papier of keukenrol op en zet hier de strijkbout op. De olie wordt nu dun en trekt in het papier. Dit is een omslachtige en langdurige geschiedenis maar het werkt wel.

- Mijn favoriet: Maak met waspoeder een verzadigde oplossing in warm water. Zet de romp hier een kwartier twintig minuten op zijn kop in en de enzymen kunnen hun gang gaan. Goed afspoelen en drogen en gegarandeerd vetvrij.

- Een clublid zijn favoriete methode: Spray er “remmenreiniger” op en veeg dit af.

- Op internet gelezen: Wrijf het motorschot in met K2R vlekkenpasta, strooi er meel op en ga er vervolgens met een strijkbout op. De olie trekt nu in het meel. Er staat wel bij: herhaal dit enkele malen.

 

 

Tuitje potje secondenlijm. (Ergens op het wereldwijde web gelezen).

Na een tijdje gebruik wordt het tuitje van het potje secondenlijm een korst en sluit nauwelijks nog goed af.

Gooi het tuitje een uurtje in een afgesloten potje (daar heb je het potje met de  groenten van Ha .. weer) aceton en de secondelijm wordt helemaal zacht en glibberig en kan zo ven het tuitje geboend worden.

 

 

Plaatsen en afstellen control horns.

We weten het allemaal wel dus zie het maar als bladvulling.

De rudderhorn moet zo op het stuurvlak staan dat het draaipunt (de gaatjes waar de quicklink van de stuurstang in komt) precies haaks boven het scharnierpunt van het stuurvlak staat.

De optimale plaatsing van de stuurstang is in een lijn parallel aan de lijn van de servo-as naar het draaipunt van het stuurvlak en staan de servo hevel en de rudderhorn precies haaks op deze lijn. (Een perfecte rechthoek als het ware.)

 

Vergroten van de uitslag:       verplaats de quicklink op de servohevel naar buiten = verder van de servo-as af of breng de quicklink bij het stuurvlak naar binnen = dichter naar het stuurvlak toe.

Verkleinen van de uitslag:      verplaats de quicklink op de servohevel naar binnen = dichter naar de servo-as of breng de quicklink  bij het stuurvlak naar buiten = verder van het stuurvlak af.

Goed om te weten:

Zit de quicklink in het gaatje dat het dichtst bij de servo as zit dan heb je de meeste kracht en de kleinste uitslag. Hoe verder naar buiten, hoe minder kracht maar meer uitslag.

Dit is bij het stuurvlak net omgekeerd. Hoe verder naar buiten, hoe meer kracht maar minder uitslag.

 

 

Nog meer afstellen. Nu de servohevel.

We weten dat de ideale stand van de servohevel in neutrale positie haaks op de servo is. En toch gaat dit nogal eens fout.

De hevel zit dan niet haaks op de servo zoals op deze foto.

 

 foto 1.

 

Dat komt meestal omdat vergeten wordt dat de vertanding op de servo as oneven is.

Om de servohevel goed te plaatsen moet de servo eerst aangesloten worden op de ontvanger en met het aanzetten van de zender in de neutrale (midden) positie gezet.

Staat nu de hevel niet haaks op de servo, haal hem los en –als het een servohevel is met twee heveltjes tegenover elkaar- draai hem 180°. De hevel staat nu wel haaks op de servo.

 

 foto 2.

 

Is het een servohevel met 4 heveltjes, draai dan in stappen van 90° tot er een heveltje haaks op de servo staat.

Vaak heeft de servo fabrikant op de heveltjes een cijfer gezet. Deze geven aan hoveel graden het heveltje “uit het lood” staat.

Maak hier gebruik van als niet gebruikte hevels worden verwijderd.

 

Vastzetten servo.

Een servo wordt geleverd met rubbertjes en busjes die in die rubbertjes gedrukt moeten worden.

Ons gebeurd dat natuurlijk nooit maar er zijn mensen die deze busjes verkeerd inzetten omdat ze eigenlijk niet weten hoe het wel moet.

Vandaar deze tip.

 

 

De busjes hebben –zoals op deze foto te zien is- aan één kant een platte “rand”. Deze is er voor een groter draagvlak en zo te voorkomen dat de bus in het hout wordt gedraaid.

 

Op foto 1 wijst de punt van de schroevendraaier naar de busjes die verkeerd ingezet zijn.

Als nu het schroefje in het hout wordt gedraaid zal de scherpe rand de bus in het hout drukken en beschadigen. Door trillingen kan het busje nog dieper in het hout komen zitten en voor gevaarlijke situaties zorgen.

 

Op foto 2 zitten de busjes goed. Het busje zal nu niet het hout in worden getrokken en goed vast komen en blijven zitten.

 

 

Speling op stuurstangen.

Speling heeft diverse oorzaken.

O.a. de speling op de tandwielen van de servo (vooral bij servo’s met metalen tandwielen, kunststof heeft dit minder), speling op schroefdraad en speling op de quicklink als gevolg van te grote gaten in de rudderhorn.

 

 

Voor een groot deel is de speling op stuurstangen op te vangen door de borging van het “vorkje”  op de schroefdraad met een moertje.

Vervang deze rudderhorns door goed passende exemplaren.

 

Maat 3-blads propeller.

Wil je je 2-blads prop vervangen door een 3-blads, gebruik dan deze vuistregel:

verminder de diameter en de spoed van de voorgeschreven 2-blads propeller met beide1.

Dus 2-blads 15 X 8 wordt 3-blads 14 X 7.

 

 

Milieu- en prijsbewust.

Hoe gaat dat. Je trekt de drukslang van de uitlaat, sluit de slang van de brandstofpomp aan op de nippel van de brandstoftank en pompen maar. Loopt er brandstof uit de drukslang bij de uitlaat dan is tie vol.

Ongemerkt gieten we zo nogal wat brandstof weg.

Tip. Neem een glazen potje met schroefdeksel (bv. zo’n potje van de groenten). Hang bij het tanken de uitlaatslang hierin en pompen maar. Is de tank vol dan loopt de brandstof niet meer in het milieu maar in het potje. En deze brandstof kun je dus gewoon weer gebruiken. (Wel even door een brandstof filter halen.)

 

 

Links is rechts, rechts is links.

We hebben er allemaal voorgestaan. De instructeur zegt nog zo: Stick naar links is een linker bocht vliegen en de stick naar rechts is een bocht naar rechts. Geen probleem. Dan kom je op het punt dat je je toestel naar je toe stuurt. En dan gaat die vlieger niet meer op. Dan wordt naar links sturen naar rechts vliegen en omgekeerd toch? Of uh?

Tip.

Als je toestel naar je toe vliegt, druk dan de stick naar dezelfde kant toe als die van de laagste vleugeltip om je toestel vlak te krijgen. Dus, als -voor het zicht- de rechtervleugeltip lager hangt dan de linkervleugeltip, druk dan de stick naar rechts. Dezelfde kant op als de hangende tip. Je stick wijst dan als het ware naar die laagste vleugeltip. De vleugeltip gaat omhoog en je toestel komt weer vlak liggen.

Omgekeerd, hangt de linker vleugeltip lager, druk dan je stick ook naar links. Je stick wijst dan ook weer dezelfde kant op als je laagste vleugeltip. De vleugeltip komt weer omhoog en je toestel komt weer vlak.

 

 

Landing naar je toe.

Veel mensen vinden dit een beetje eng. Je hebt dan niet hetzelfde zicht / gevoel als wanneer je een landing dwars voor je maakt. Moet je “naar je toe landen” draai dan een kwart slag en zie, je maakt nu weer gewoon een landing dwars voor je.